Waarom een keuzebeding vaak tekortschiet

Successieplanning is voor veel Vlamingen een ver-van-mijn-bedshow.
Het belang van een goede successieplanning is echter enorm.

We leggen u uit waarom.

Via successieplanning wil de Vlaming hoge erfbelastingen vermijden én ervoor zorgen dat de langstlevende echtgeno(o)t(e) de controle kan behouden. De meeste Vlamingen rekenen hiervoor op het advies van de notaris. Die zal meestal de toevoeging van een verblijvings- of keuzebeding aan het huwelijkscontract aanraden.

De toevoeging van zo’n verblijvings- of keuzebeding heeft echter grote gevolgen op vlak van erfbelasting. Deze gevolgen zetten wij hieronder voor u op een rijtje aan de hand van een voorbeeldsituatie.

Voorbeeldsituatie

Jozef en Noëlla zijn beiden 58 jaar en gehuwd zonder huwelijkscontract. Samen hebben ze drie meerderjarige kinderen en bezitten ze volgend vermogen:

▪ Groepsverzekering werknemer Jozef: € 100.000
▪ Pensioensparen Jozef: € 15.000
▪ Pensioensparen Noella: € 15.000
▪ Spaarrekening: € 45.000
▪ Zichtrekening: € 14.000
▪ Effectenportefeuille: € 100.000
▪ Gezinswoning: € 500.000
▪ Appartement: € 250.000

Nu hun kinderen op eigen benen staan, vinden ze het tijd om hun successie te plannen. Ze willen ervoor zorgen dat de langstlevende echtgeno(o)t(e) de controle kan blijven behouden over hun vermogen.

De notaris beveelt hen een keuzebeding aan. Zo kan de langstlevende – indien gewenst – de controle over het gehele vermogen behouden, of een deel ervan reeds laten toekomen aan de kinderen, afhankelijk van de situatie op het moment van het eerste overlijden.

Zonder keuzebeding in het huwelijkscontract komt de helft van het vermogen in volle eigendom toe aan de langstlevende echtgeno(o)t(e). De andere helft van het vermogen komt in blote eigendom toe aan de kinderen maar de langstlevende echtgeno(o)t(e) geniet van het vruchtgebruik. Na 1 overlijden bedraagt de verschuldigde erfbelasting € 14.684. Na 2 overlijdens bedraagt de totale erfbelasting € 48.977.

Door het opnemen van een keuzebeding in het huwelijkscontract kan de langstlevende de gehele nalatenschap aan zichzelf toewijzen. Hierbij bedraagt de verschuldigde erfbelasting na een eerste overlijden € 13.755. Na 2 overlijdens bedraagt de totale erfbelasting € 88.026.

Bij een eerste overlijden kan dus de controle gegarandeerd worden. Ook is de invloed op de te betalen erfbelastingen niet voelbaar. Meer zelfs: de te betalen erfbelasting daalt. Na een tweede overlijden volgt echter de rekening. Hier stijgt de te betalen erfbelasting tot bijna het dubbele van de totale te betalen erfbelasting bij een huwelijkscontract zonder verblijvings- of keuzebeding.

Een keuzebeding kan dus een voordeel opleveren op het vlak van controle maar is nadelig op vlak van erfbelasting na twee overlijdens. Om zowel de controle te behouden als de erfbelasting te drukken bent u beter af met een volledig successieplan op uw maat.

Conclusie

Bij successieplanning komt meer kijken dan op het eerste zicht lijkt. De methode die het best bij u past hangt af van welke doelstellingen u in gedachten hebt.
Uiteraard wil u in eerste instantie vooral uw partner veiligstellen. Maar ook discussies tussen nabestaanden vermijden is belangrijk. Daarnaast wil u ook dat uw erfgenamen zo weinig mogelijk erfbelasting betalen.
Iedere situatie is bijgevolg maatwerk. Proclarius werkt samen met u een persoonlijk plan op maat uit.

Wenst u meer informatie?

Neem dan vrijblijvend contact met ons op.

2017-01-18T13:59:29+00:00 12.11.16|